Wie is er hier langdurig ziek?

Uiteraard zijn er langdurig zieken die ten onrechte een uitkering ontvangen. In mijn praktijk heb ik die eigenlijk nog niet ontmoet. Elke week zie ik wel enkele mensen met het etiket ‘langdurig ziek’ in mijn praktijk. Sommigen herstellen na een burn-out, anderen hebben kanker overwonnen en dan zijn er nog de mensen die lijden aan onverklaarbare ziektes (door artsen al dan niet toegeschreven aan bovenmatige stress)).
Elk verhaal is anders en is altijd complex. Te complex voor een kort bericht. Toch licht ik er graag twee aspecten uit.

1. Wat als minder controle net meer gezondheid oplevert?

Te weinig artsen en co om langdurig zieken te controleren? Laten we zeggen dat de langdurig zieken het soms anders ervaren. Mijn cliënten ervaren vaak dat ze al dagen tot weken voor een volgende afspraak ongerust worden: wat zal de arts zeggen? Wat als ze geen recht meer hebben op uitkering? Wat als ze bij weer een andere dokter komen, die hun verhaal niet kent, en ze in 10 minuten zichzelf weer moeten verdedigen? Wat als ze weer beginnen te huilen, worden ze dan weer tot de orde geroepen dat dit niet hoort, en dat het nu ‘toch al lang geleden is, wat er gebeurde’?

Talloze verhalen, gelukkig ook positieve. Geregeld treft één van mijn cliënten een luisterende arts die de tijd neemt. Vaak blijkt die arts te zeggen dat mijn cliënt nog de tijd mag nemen om te herstellen.
Laat dat zijn wat ik elk van mijn cliënten toewens: tijd om te herstellen. Zonder de hijgende adem van allerlei controle-instanties in hun nek. Zonder elke keer die onrust: zie ik er wel ziek genoeg uit? Want als ze het niet zien, zullen ze dan geloven dat ik nog altijd heel moe ben, amper voor mezelf kan koken…

In die zin zou minder controle wel eens goed kunnen uitdraaien. Wie weet ervaren mensen nu de – broodnodige – rust om echt te herstellen? Wie weet welke effecten we de komende jaren zullen zien bij mensen die nu geen controle meer zullen krijgen.

Om duidelijk te zijn: ik ben wel degelijk voor opvolging, en wel degelijk voor begeleiding. Zodat mensen sneller herstellen, andere manieren kunnen onderzoeken om hun (werk)leven een nieuwe vorm te geven, kunnen leren anders met stress om te gaan, kunnen groeien in wie ze nu willen en kunnen worden.

2. Wat als… mensen te weinig kansen krijgen om weer aan de slag te gaan?

Voor elke persoon die met meer moed, energie en nieuwe perspectieven afscheid neemt, stapt iemand nieuw mijn praktijk binnen. Als burn-outcoach voelt het soms als dweilen met de kraan open. Niet alleen door het mank lopende beleid van overheden, ziekenfondsen en preventiediensten.

Ook omdat bedrijven en organisaties op heel ongelukkige manieren omgaan met mensen. Uiteraard al heel lang voor mensen ziek worden. Zeker ook als mensen aangeven dat ze willen terugkeren na een langere periode van afwezigheid. Werkgevers zien het niet zitten dat werknemers deeltijds heropstarten, zeker niet als deeltijds betekent: minder dan halftijds. Bovendien is het – bijvoorbeeld in heel wat overheidsdiensten – niet mogelijk om langer dan 6 maanden deeltijds te werken na een ziekteperiode. Waardevolle werknemers duwen we opnieuw richting ziekteverlof. Zij willen wel werken, maar kunnen het voltijdse tempo niet aan. Hen blijft niets anders over dan langer in ziekteverlof te blijven.

Nog een pijnlijke: wat met de verplichte re-integratie? Vaak bestaat die enkel op papier. Mensen aangepaste taken geven, werknemers goed begeleiden: in de praktijk blijken bedrijven en organisatie weinig tot niet gewapend om dit echt te doen. Hoe vaak hebben jullie al gehoord over een leerkracht die na een ziekte terugkeert en ondersteuning krijgt van de directie om minder vergaderingen bij te wonen? 
Voor organisaties en leidinggevenden is het niet simpel om overal een gepaste oplossing voor te vinden. Samenwerking met externe experts (stress- en burn-out coaches, HR, bedrijfsarts…) en verder durven kijken dan de huidige oplossingen, is zo dringend en noodzakelijk.  

Een laatste kanjer van een voorbeeld: ik heb ondertussen een mooi lijstje van opmerkingen die mensen te horen krijgen op sollicitatiegesprekken, als ze na een lange periode thuis pogingen doen om een nieuwe job te vinden. De liefste opmerking luidt ongeveer: “We denken dat deze job voor u iets te zwaar zal zijn met uw verleden.” Of ga maar eens lunchen in de keuken van een recruitmentkantoor. Daar durven jonge recruiters nog wel eens luidop lachen “allez jong, iemand die een jaar thuis is geweest met een burn-out, die denkt toch niet dat ze ooit nog telefoon van ons zal krijgen.”

De meeste mensen willen graag werken

De meeste mensen willen graag werken. Op een manier die past bij hun mogelijkheden, om zinvol bij te dragen binnen hun team, aan hun organisatie, aan de maatschappij. We laten als maatschappij heel veel ervaring en talent liggen, net omdat we zo moeilijk kunnen afstappen van de illusie dat mensen voltijds moeten werken, of een hele dag moeten kunnen werken, of binnen de paar maanden moeten evolueren van enkele dagen per week tot een voltijds werkrooster. Wie is er hier ziek?

Begin alvast met deze vier stappen:

  1. Stop met de kille bureaucratie. Stel langdurig zieken vrij van formele verhoren van 15 minuten waaruit een formeel verslag moet volgen. Stop met mensen lange vragenlijsten te laten invullen met wazige vragen en veel keuzemogelijkheden. Zorg dat een dokter of andere deskundige een echt en rustig gesprek kan voeren, zonder de dreiging van een sanctie. 
  2. Geef langdurig zieken de kans om op hun eigen tempo en met menselijke begeleiding nieuwe mogelijkheden uit te zoeken. Geef ze recht op ondersteuning los van enig mogelijk voordeel of nadeel voor werkgevers en de zieke zelf. 
  3. Weet dat heel wat langdurig zieken zelf investeren in begeleiding. Alleen zie ik vaak wie dat niet kan betalen: alleenstaanden, vaak vrouwen. Hun financiële stress maakt dat ze langer ziek blijven. Pak vooral dat ook aan, door ondersteuning goedkoop of gratis te maken. Dit zonder af te dingen op de kwaliteit en zonder opnieuw ellenlange wachtlijsten te creëren.
  4. Laten we ook ons mensbeeld stevig verbreden: wie gelooft nog dat die nadruk op ‘moeten werken’ om een volwaardig burger te zijn, mensen gezonder maakt?

 

Ilona Plichart begeleidt als coach elk jaar zo’n 70 personen, onder wie altijd weer langdurig zieken. Ze werkt in een groepspraktijk en is o.a. lid van de VESB, Vereniging voor erkende stress- en burn-outcoaches.

1 antwoord

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *